← Table of contents
Noorsche Volksvertellingen

Note 2 — EEN ZONDAGAVOND OP EEN’ SAETER.

T. (Tijs) Terwey translation

„In het hoofdkerspel Vaage,” zoo begon hij, terwijl hij eenige malen kuchte en hoestte en langzaam den blik liet weiden over alle aanwezigen, „leefden voor langen tijd een paar echtelieden, Steingrim en Jöda, die in deze bergstreek hun bestaan vonden in veehoeden en het vangen van wild. De man, Steingrim, vond den dood bij een’ sneeuwval in Jöndalsbraatom. In ’t zelfde jaar werd hun volwassen zoon, Ivar, tot den krijgsdienst geroepen, en Jöda bleef de eenige verzorgster van vele kinderen. De tweede zoon, Björn, was, schoon nog jong, reeds eenigszins de steun zijner moeder. Hij was zeer groot voor zijne jaren, vlug en waagziek, en overtrof elkeen in ’t loopen op de sneeuwschoenen, in ’t vangen van wild en op de jacht. In ’t bijzonder legde hij zich toe op de kennis van de plaatsen, waar de rendieren zich in de verschillende seizoenen en bij verschillend weder ophouden, waar zij een toevluchtsoord zoeken, of die zij ontvlieden, en hierdoor vermoedelijk kwam hij tot de ontdekking van de fijne en scherpe reuk der rendieren, die hem, naar men verhaalt, leidde tot de uitvinding der „blinde schutters.”2 Meestal was Björn door menschenschuwheid bevangen en zocht bij elke gelegenheid alleen op de jacht te gaan, en zijn geluk bij dit handwerk deed ieder verbaasd staan. Sommigen meenden, dat hij door tooverij vogels en dieren aan ééne plek kon boeien, zoodra hij ze in ’t oog kreeg; anderen, dat hij in bondgenootschap stond met de berggeesten en in sommige gevallen hulp en onderricht van hen verkreeg in de voordeeligste wijze van jagen. In dezen waan werd het volk versterkt door de omstandigheid, dat men hem kuilen zag graven voor de rendieren en eene hut opslaan op plaatsen, waar te dier tijd niemand, ook zelfs een’ enkelen nacht, durfde doorbrengen uit vrees voor de berggeesten, die er zich ophielden. Nu en dan verhaalde hij bovendien zelf, hoe de reuzen hem eene poets hadden gespeeld en hem in ongelegenheid hadden gebracht, maar dat hij dan ook altijd geholpen was door den reus van Skulen, den Skul-reus geheeten.” — — —

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings