← Table of contents
Naar den equator, met een voorspel

Note 39 — V. Eene stortzee.

Reading edition

Het was eene hoognoodige waarschuwing, want een oogenblik later, krulde eene buitengewoon hooge baar ter hoogte van het midden-schip over de verschansing, en stortte met woedend geweld op het dek neder. De beide onderofficieren hadden zich op de waarschuwing van den stuurman aan de bij hen staande pardoens39 gegrepen. Zij konden evenwel niet beletten, dat zij door de monsterachtige golf van de been geslagen werden, en zouden voorzeker door de woedende watermassa meegesleept en over boord gespoeld zijn, als zij zich niet met de kracht der wanhoop aan de stevig gespannen pardoens vastgeklemd hadden. Op het achterdek had die overgekomen zee even rampvolle gevolgen. Wel was daar de kracht van de golf, die meer middenscheeps binnengekomen was, veel minder, maar toch nog sterk genoeg om de twee jonge meisjes in gevaarvollen toestand te brengen. Zij waren juist van onder de kap van den kajuitstrap te voorschijn getreden, toen het ongeval hen verraste. Wel poogde Emma zich, toen de waarschuwende stem van „grijpen en vasthouden” weerklonk, aan den bovenrichel van die kap te klemmen, terwijl hare zuster Adelien haar bij den arm vasthield; maar toen het woedende water hare beenen meesleepte, was de oudste onmachtig om haar houvast te blijven omklemmen; zij moest loslaten en beiden werden toen door het oproerige element medegesleept. Het achterschip werd door de monsterachtige baar, waarvan een gedeelte overgekruld was, in dat oogenblik opgeheven; zoodat het water aan dek met ijlende vaart naar voren schoot en de bewustelooze meisjes met zich medesleepte. Frank en Herman, van de eerste ontsteltenis bekomen, zagen het onheil. Zij hadden hun evenwicht nauwelijks hernomen, of zij lieten de reddende pardoens los en ijlden ter hulp. Tusschen den middenmast en de groote boot doorschietende, met het water tot aan de knieën, kwamen zij juist ter tijd om bijstand te bieden en een groot ongeluk te voorkomen. Herman greep Emma, die over het dek voortgerold werd, en hield haar met de eene hand stevig vast, totdat het water, hetwelk als een stortvloed over het voorschip stroomde, weggeloopen was; terwijl hij zich met de andere hand aan de sjorringen der groote boot vastklemde. Frank was op Adelien toegesprongen, en redde die uit meer wezenlijk gevaar. Toen het schip onder den schok sterk naar lij overhelde, lag de verschansing aan bakboord een oogenblik te water. Het jonge meisje dreef daar heen en lag reeds op die verschansing gedeeltelijk buiten boord, toen Frank haar greep. Gelukkig, dat zij tegen het groot want was aangedreven. Wel had zij hoegenaamd geen bewustzijn om zich aan een der hoofdtouwen van dat want of een der weeglijntjes vast te klemmen; maar de kracht, waarmede zij voortgesleept werd, was gebroken en daardoor was het haren redder mogelijk, haar met beide armen te omvatten en binnen boord te halen. Daaronder zou hij haar hebben moeten loslaten en zou zij voor zijne oogen in de diepte reddeloos verdwenen zijn.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings