Note 71 — XIV. Kaapsche duiven en Albatrossen.
Reading edition
Den volgenden dag was het zondag en bij gevolg dubbele feestdag. Behalve hun gewoon ration wijn werd nog aan ieder man eene halve flesch verstrekt, die evenwel in twee helften verdeeld op doelmatige tijden uitgereikt werd om opgewondenheid te voorkomen; terwijl aan sigaren geen gebrek was. Daags te voren had kapitein Butteling het laatste Hollandsche varken, dat hij voor deze gelegenheid bewaard had, laten slachten, daarbij werd een flink ration aardappelen met knolrapen verstrekt, welk maal door een flink stuk „jan in den zak”71 met keukenstroop besloten werd; zoodat het zoowel vooruit als achteruit op de Fernandina Maria Emma een ware Lucullus-dag was. Wat de feestelijke stemming nog verhoogde, was dat, hoewel de noordwestenwind zijn best deed en het schip een tienmijls vaart liet behouden, het toch een prettige dag was, omdat de hemel geheel wolkeloos was en de zon zich op deze breedte in dit jaargetij aangenaam deed gevoelen. Overal zag men dan ook vergenoegde gezichten en het dek was dan ook met domino- en kienspelers overdekt, welke laatste evenwel met eenige zorg te werk moesten gaan, wilden zij hunne lottokaarten niet over boord zien waaien.