Note 1 — Magie.
Johan Willem van Rooyen translation
Wij vinden b.v. dat Maspero beweert, dat: „de oude magie de werkelijke grondslag van den godsdienst vormde. De geloovige, die van een god een gunst wenschte te ontvangen, had geen kans van slagen, tenzij hij zijn handen op den god legde en dit beslag kon alleen door middel van een bepaald aantal riten, offers, gebeden en gezangen plaats vinden, welke de god zelf ontsluierd had en welke hem verplichtte te doen, wat men hem vroeg.”1