Note 6 — De groote goden.
Johan Willem van Rooyen translation
Misschien was zij zelf een vereerster van Aten, dit zou de eerbied, welke haar zoon, Amen-hetep IV, voor dien god bezat, kunnen verklaren. Hij nam den titel aan van „hoogepriester van Ra-Heru-Akhti6, den verhevene aan den horizon, onder zijn naam van Shu, die in Aten is”; hieruit zien wij, dat hij Aten, in overeenstemming met het in die tijden overheerschende gevoelen, eerder als de verblijfplaats van den zonnegod, dan als dien god zelf, beschouwde.