Note 4 — INDRUKKEN VAN DEN DAG.
Reading edition
(Noot van 1865.) Ou—voeg ik er by—qui doivent toute leur considération à leur fortune, bien ou mal acquise. ’t Is inderdaad schandelyk, dat juist zulke personen in Nederland geëerd zyn, die aan de misbruiken welke bestreden moeten worden, hun fortuin, en de daaruit voortvloeiende verheffing te danken hebben. Duymaer van Twist zou niet gekozen kunnen worden tot lid der Eerste-Kamer, als-i niet behoorde tot de hoogstaangeslagenen, dat is: tot de ryksten in den lande. En dat hy ryk is, heeft-i te danken aan de lauwheid der Natie, die ’t duldt dat hy zyn overgespaard geld behoudt, in-stee van ’t hem aftenemen ter gedeeltelyke vergoeding van de schade die zoo velen hebben geleden onder en door zyn wanbestuur. Erger nog: Fransen van de Putte, de ryk geworden kontraktant en vry-arbeider—men zegt, dat-i drie millioen wist te halen uit Javanen-arbeid, in slechts elf jaren tyds, en al zy ’t iets minder, toch is ’t zeker dat het zeer veel is—die v. d. Putte is Minister van Koloniën!