← Table of contents
Minnebrieven; Over Vrijen-Arbeid in Nederlandsch Indië; Indrukken van den dag

Note 16 — INDRUKKEN VAN DEN DAG.

Reading edition

(Noot van 1865). De resident van Bantam—sedert, naar ik vernomen heb, krankzinnig overleden—was niet slechter, luier of bedorvener dan de meeste anderen. Integendeel. Zyn fout was alleen dat hy nooit op de gedachte was gekomen dat er hooger beginsel kon bestaan, dan eerbied voor den—nergens omschreven—”geest van ’t Gouvernement.”

Nadat ik myn ontslag had bekomen, zeide hy my met aandoening: “waarlyk, ik moet u hoogachten, maar ... maar ... ge hadt geen ambtenaar moeten worden!” Ik vroeg hem, of dan ’t Nederlandsch Gouvernement alleen zulke lieden kon gebruiken, die geen hoogachting verdienen? Hy sloeg de oogen neer. En dit moest wel, want na die tegenstelling van ambtenary en hoogachting, voelde hy schaamte over z’n bruikbaarheid. Kort daarop werd hy ridder. Deze onderscheiding moet hem zéér gedaan hebben, want slecht was hy niet.

(Noot van 1875). Later kwamen me walgelyke byzonderheden ter-oore, waaruit bleek dat ik dien man altyd te goed beoordeeld had. Zoodra men de Havelaarszaak de eer der diskussie waard keurt, zal ik ze openbaren.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings