Note 9 — Jachtslot Het Loo.
Reading edition
Toen echter de groote veroveraar Napoleon in het volgende jaar door Gelderland trok, kreeg alles op het Loo weder voor korten tijd een vorstelijk aanzien. In de maand Oktober was de Keizerin, vergezeld van den Prins Neufchatel, de schoone Hertogin Monte-Bello, en geheel een schitterenden hofstoet, aangekomen, en men verwachtte er ook den Keizer-zelf. Deze, den 29e dier maand onder het geleide van talrijke gewapenden van Zwolle vertrekkende, kwam nog dien zelfden dag op het paleis aan, met den Maarschalk Duroc, Hertog van Frioul, en een aanzienlijk gevolg, waarvan een deel hem op zijne wandelingen door de lustplaats vergezelde, nadat alvorens de paden en lanen van tuin en park door eene gewapende wacht van alle andere bezoekers was ontruimd. Geen arbeider zelfs was dan het blijven vergund. »Zoo bevreesd was de man, op wiens wenk duizenden zich in het stof bogen, dat de Hollanders, dien hy onlangs de weldaad bewezen had, van hen met het Groote Rijk te vereenigen, hem met ondank beloonen, en wellicht door gehuurde moordenaars een aanslag op zijn leven ondernemen zouden.”9—In de nacht tusschen 30 en 31 Oktober kwamen twee koeriers, met haastigen spoed, op het Loo aan, en de rust in de koninklijke slaapkamer, waar slechts de wit-satijnen ledikant-gordijnen Napoleons sluimer bespiedden, werd voor goed gestoord. Onverwacht gaf de Keizer bevel om nog dien zelfden dag te vertrekken; en op den avond sprak men er van zijne kortstondige verschijning, als van een bonten en wonderlijken droom, die van eene zonderlinge rust was opgevolgd. Kort daarna was de rust van geheel Europa weder gestoord, en werden alom de geduchte toebereidselen gemaakt tot den tocht naar Rusland.