Note 1 — Hoofdstuk I. De Bronnen van de Spaansche Romance.
S. Vos-Goudsmit translation
Afzondering en toewijding aan een nationale zaak zijn machtiger prikkels tot de ontwikkeling der romantiek, dan een atmosfeer van Oostersche weelde. De borsten van deze strenge bergen brachten melk voort, zoeter dan de wijn van Almohaden, en liederen ontstonden in Burgos en Carrión, ontroerender, zij het dan ook minder fantastisch, dan ooit ontsprongen aan de guitaren van Granada. Maar de nooit eindigende strijd tusschen Arabier en Spanjaard bracht met zich mede een voortdurende uitwisseling van den zinnelijken geest van het Zuiden en de ruwere mannelijkheid van het Noorden, zoodat ten slotte het Saraceensche goud het staal van het Spaansche lied versierde, en de Spaansche ziel gevangen werd in de netten van de Oostersche fantasie. In lateren tijd verzachtte eene openlijke bewondering voor de kunst en beschaving van den Moslim den ouden haat, en de Moorsche cavalier bootste de ridderlijkheid, zooal niet de dichtkunst na, van den Castiliaanschen ridder.1