Note 7 — Hoofdstuk I: De Kelten in de oude geschiedenis.
B. C. (Boudewijn Casper) Goudsmit translation
Het is niet onmogelijk, dat Vergilius beteekent de “zeer schitterende” of uitstekende; een natuurlijke vorm voor een eigennaam Ver is dikwijls in Gallische namen (Vercingetorix, Vercassivellasimus, enz.) een versterkend voorvoegsel, zooals het moderne Iersche fior. De naam van het dorp, waar Vergilius geboren was, Andes (thans Pietola), is Keltisch. Zijn liefde voor de natuur, zijn mysticisme en zijn krachtig gevoel voor zekere decoratieve eigenschappen in taal en rhythmus, zijn sterk op den voorgrond tredende Keltische eigenschappen. De uitdrukkingen, die Tennyson over hem bezigt, “liefhebber van landschappen, beheerscher der taal,” zijn in dit opzicht kenschetsend.