Note 3 — XX. Een brief. Ik raadpleeg een advocaat. De familie Doedelaar.
Reading edition
Ik:—Dan hebben bastaards ’n moeder, stadhuiskinderen ’n vader. Kijk, al mogen bastaards dan niet in de vergadering des Eeuwigen komen tot in het tiende geslacht3—dan zijn zij en hunne moeders te benijden—vin u niet, waarde heer?