Note 2 — Hoe Gorcum verrast werd—En nog eens in de gewelven van Quannevan’s huis.
Reading edition
Dit was ook inderdaad het plan van den jonker, maar zijn krachten schoten vooralsnog te kort; eerst moest hij zich overtuigen, dat het grootste deel der burgerij en inwoners op zijn zijde was, en als dan Hertog Reinout of zijn vader Jan Van Arkel hem een nieuwen toevoer van krijgsknechten zond, wilde hij een aanval op den burcht ondernemen. Wat het eerste betreft, spoedig smaakte hij de voldoening, dat hij meer aanhangers en vrienden in de stad had dan hij wist, en inderdaad, de Gorcummers waren in lang niet tevreden, dat hun stad door verraad in de macht van Graaf Willem VI gekomen was. Zoodra Jonker Willem zijn trompetter en eenige soldaten in de straten uitzond met den uitroep: „Wie zich onder de banier van Van Arkel schaart, dien zal niets misdaan worden!”2, stroomden van alle kanten de inwoners uit de huizen, juichten den moedigen overwinnaar toe en vervulden de lucht met hun gejubel. Alle mutsen vlogen omhoog en de kreet galmde wijd en zijd: „Leve onze nieuwe landsheer!” Al juichende trok het volk voorwaarts en verlangde, dat de jonker zijn intrek op het stadhuis zou nemen, maar hiertegen verzette zich Quannevan, die zich de eer niet wilde laten ontnemen den zoon zijns weldoeners in zijn huis te ontvangen.