Note 4 — Karel de Groote te Rome.
Reading edition
Het dak van de kerk bestond uit vergulde pannen, een geschenk van Paus Honorius (c. 625). De voorgevel was met mozaïek versierd. Boven het portaal waren oorspronkelijk de Verlosser en de H. Petrus afgebeeld, wien Constantijn de kerk toonde (of een model van de kerk gaf?). Op Raffael’s Incendio kan men nog flauwe sporen van mozaïek op het gebouw zien. De latere mozaïeken bestonden uit drie gedeelten: in den gevel stonden Christus en de H. Maagd, tusschen en naast de bovenvensters de vier Evangelisten en tusschen de benedenvensters de 24 oudsten, die hun gouden kronen tot den Verlosser omhoog hieven. Het schip van de basiliek was aan de zijden geflankeerd door twee zijbeuken. Zes en negentig zuilen4, waarvan vele genomen waren uit oude gebouwen, zooals b.v. het amphitheater van Nero, scheidden de beuken en droegen de clerestory5, die evenals de apsis was versierd met mozaïekwerk. Kostbare lampen, schitterende gordijnen van brokaat, gouden, zilveren en bronzen kandelabres, lampen, altaren en beelden luisterden het inwendige van de kerk op.