← Table of contents
In het land der zon

Note 42 — III. Eene idylle te Rijswijk.

Reading edition

Aan boord van de Fernandina Maria Emma waren de dames Groenewald steeds gekleed op het dek of in de kajuit verschenen. Voor al die baarsche passagiers hadden zij zich nimmer in sarong en kabaai42 willen vertoonen. Nu evenwel droegen zij, even als iedere dame in Indië, die nette ochtendkleeding, die wel de verbazing van Frank en Herman opwekte. Het jonge meisje scheen die verbazing te begrijpen; want zij bloosde bekoorlijk, hetgeen haar niet onaardig stond. Maar die kleeding was wel geschikt om de bevreemding, maar ook de bewondering onzer baren gaande te maken. De kabaai, hoewel eenigermate zakvormig, liet toch geen onzekerheid omtrent de slanke taille toe, modelleerde de schouders en den boezem zoo kiesch, dat zelfs de meest strenge zedemeester er niet op aan te merken zou gehad hebben, omsloot met haar strookjes en gefestonneerde entre-deux hals en keel zoo geheimzinnig mogelijk, en daalde sierlijk tot op den sarong af, die de heupen plastisch omgaf, en gazeerde dat plastische eenigermate. Onder den sarong, die tot op den grond daalde, kwamen een paar snoeperige geborduurde slofjes uit, waarin een paar nog snoeperiger kleine lelieblanke voetjes schuilden, alsof ze daar kiekeboe speelden. De jonge dame had het zachte blonde haar in een weelderigen kondeh gebonden, die door een paar haarspelden, met brillanten versierd, opgehouden werd. Toch maakten zich eenige weerspannige krullen te midden van dien rijkdom baan, weigerden zich aan het dwangjuk te onderwerpen en omlijstten dat gezichtje allergoddelijkst.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings