Note 193 — XVIII. Op de Militaire School.
Reading edition
Toen Granvelle klaar was, kostumeerden zich de grappenmakers met alles, wat zij voor de hand vonden. Waar de prullen vandaan kwamen als heeren- en dameshoeden, japonnen, chacots, helmen enz., weet de hemel. Wat evenwel verreweg het meest op contributie gesteld werd om aan een gewenscht fantasie-costuum te komen, was het beddengoed. Zoo was er hier een die in zijn linnen sprei als in een almaviva gewikkeld was; elders verleende eene pluizige wollen deken het uitzicht van een beer aan een ander; terwijl een derde zijn „bantal goeling”193 bij wijze van tulband om zijn hoofd droeg, en daar heen stapte met eene deftigheid en ernst, alsof hij Nathan de Wijze was, en den armen veroordeelden kardinaal geestelijken troost moest brengen.