Note 145 — XIV. Een wandeling.—Van Radja Bassa naar Bandoeloe.
Reading edition
„En de vele variëteiten van de „kembang sapatoe,”145 vulde Slierendrecht aan, die als ambtenaar verder in de Indische botanie was dan onze sergeant. „Wij zagen daar „fraaie sedap malams”, prachtige „katja pirings” en bekoorlijke „melattie”146 en eene menigte andere bloemen …”