← Table of contents
In het land der zon

Note 115 — X. De aankomst van de brievenpost op een landhuis.

Reading edition

Een paar maanden waren sedert de gebeurtenissen, die wij hierboven verhaald hebben, verloopen. De heer Groenewald was eerst sedert weinige dagen van Cheribon op Wilatoong teruggekeerd. Hij had daar ginds droeve uren doorgebracht. Toen hij daar toch met mevrouw Ridderhoff aankwam, was haar vader stervende, en scheen de lijder slechts op de aankomst zijner dochter gewacht te hebben om te verscheiden. Hartverscheurend was de droefheid der jonge vrouw. Zij was letterlijk niet in staat om hare gedachten ook maar voor weinige oogenblikken tot de onvermijdelijke regelingen en beschikkingen bij zoo’n gebeurtenis te bepalen. Gelukkig, dat de heer Groenewald in de goedheid zijns harten haar naar het landhuis, dat bij Madja115 gelegen was, vergezeld had. Deze kon de eerste regelingen omtrent de begrafenis treffen. Daarna had hij reeds plan gemaakt om, in afwachting van de terugkomst van den heer Ridderhoff, wien de verwonding en later het overlijden van den heer De Vos zoo spoedig mogelijk medegedeeld waren, het bestuur der onderneming op zich te nemen; toen zich op een vroegen morgen de heer Piet Van Diepbrugge, de reisgenoot van den heer Groenewald op de Fernandina Maria Emma, op het landhuis aanmeldde. Hij was kort geleden te Cheribon geplaatst, en door den Resident van dat gewest ter beschikking van den controleur der Afdeeling Madjalengka gesteld. Hij had de aanwezigheid van zijn reisgenoot vernomen als ook het ongeluk, dat mevrouw Ridderhoff getroffen had, en kwam nu zijne goede diensten aanbieden. Het speet den jongen man, dat hij niet vroeger daar geplaatst was geworden; maar hij was eerst sedert een paar dagen in deze streken aangekomen. Toen de heer Groenewald alles met betrekking tot den boedel geregeld had, die mevrouw Ridderhoff als eenig kind van den overledenen, onverdeeld toeviel, toen hij den bereidwilligen ambtenaar ter beschikking zoo ver op de hoogte gesteld had, dat deze in de afwezigheid van den heer Ridderhoff, de koffie-onderneming gaande kon houden, en de jonge vrouw met raad en daad kon bijstaan, toen vertrok de brave oudgast, die geen oogenblik geaarzeld had, onderneming, zaken en huisgezin achter te laten, om de dochter van een vriend in den nood behulpzaam te zijn. Toen alles geregeld was, dacht hij eerst aan zijne eigen belangen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings