Note 2 — Het in het niet verdwijnen van den heer Bensington.
J. Kuylman translation
Hij bemerkte het eerst wat er gaande was aan het rumoer dat het volk buiten maakte. Hij ging naar het venster en gluurde naar buiten, niet bevroedend wat hem boven het hoofd hing. Een minuut lang misschien zag hij het aan hoe de menigte zich om den ingang verdrong, een dozijn politieagenten die haar den weg versperden, uit den weg ruimend, vóór hij ten volle de rol begreep die hij in de zaak speelde. Toen ging hem plotseling een licht op en begreep hij dat die brullende, deinende menigte het op hem gemunt had. Hij was geheel alleen op de verdieping—misschien gelukkig nog—daar zijn nicht Jeanne naar Ealing op de thee was bij een familielid van moeder’s kant, en hij had even weinig begrip hoe zich onder dergelijke omstandigheden te gedragen, als van de etiquette van den Dag des oordeels. Hij was bezig door de kamers te hollen, aan de meubelen vragend wat hij beginnen moest, sleutels in sloten omdraaiend en ze dan weder ontsluitend, naar deur, raam en slaapkamer vliegend—toen de beambte van de verdieping binnenkwam.2