Note 2 — VOORTBRENGSELEN, MIDDELEN VAN BESTAAN.
Reading edition
In den fraaijen en welvoorzienen tuin van den Heer Burgemeester, Mr. J. van Hengel, zag ik eenen appelboom, die geplant werd den 1 April 1847. Den 1 Augustus van dat jaar, leverde hij de eerste vruchten, 60 in getal; den 1 November, plukte men voor de tweede maal de vruchten, ten getale van 80, terwijl deze zelfde boom in December daaraanvolgende, op nieuw in vollen bloei stond.—In 1848 was de boom weder vol.—In den boomgaard van den Heer D. Koorn, te Hypolitushoef, zag ik op een veld van 120 roeden, een 70 tal vruchtboomen staan, waarvan de meesten, (5 of 6 uitgezonderd) als met vruchten bedekt waren. Inzonderheid was dit het geval met de jutten- en dirkjesperen.