Note 1 — Het Volk.
Reading edition
Godsdienst. Een bepaalden eeredienst of godsdienst hebben de Alifoeroe niet. Bij de stammen achter Kobi en ook wel op Oost-Seran, heerscht eene soort vooroudervereering. Men treft in een uitbouwseltje aan de familiewoning, een of meer doodskoppen, afkomstig van gestorven Kapitans aan. Hier worden van tijd tot tijd eenige eetwaren aan geofferd. Bij de Halamoeristammen vindt men op het gewone rek, waarop ook het huisraad ligt, een doodshoofd op een schotel liggen, dikwijls met een hoofddoek bekleed. Op den weg naar Halamoeri vonden wij eene paparisa1, waaronder vier op schotels geplaatste doodshoofden elkander aangrijnsden, terwijl bij den ingang van eene negorij eveneens een doodskop op een soort tafeltje naast een parang lag. De bevolking wist er niet (of wilde er niet) meer van te vertellen, dan dat het aldus behoorde en dat de schedels van beroemde voorvaderen moesten vereerd worden. Alle Alifoeroe gelooven aan goede, doch meest aan booze geesten, de nitoe2, die in het bosch moeten rondzwerven, ook roept men bij sommige plechtigheden de schimmen der voorvaderen aan.