Note 1 — XXXVII.
Reading edition
Zij wachtten Philip en Akkeveen af en het gezelschap splitste zich toen in tweeën. ’t Was een heerlijke maneschijn, een voorrijder zwaaide zijn fakkels over den hobbeligen weg; Philip floot een deuntje als hij zijn seroetoe1 niet rookte, maar zijn kameraad was bijzonder stil en nadenkend.