← Table of contents
Heldensagen en Legenden van de Serviërs

Note 1 — Hoofdstuk XV. Eenige servische populaire anecdoten.

Joanna Petronella Wesselink-van Rossum translation

Een heel rijk en machtig edelman reed eens zijn uitgestrekte bezittingen rond. Van verre zagen vier Tziganen1 dat hij alleen was. Zij sloegen een begeerig oog op de mooie paarden voor zijn rijtuig en namen zich voor er hem van te berooven. Toen het rijtuig naderde, snelden zij er heen, namen eerbiedig hun muts af, knielden voor hem neer en een hunner begon te spreken: “O hoe gelukkig zijn wij een gelegenheid te hebben U, zeer genadig heer, onze diepe dankbaarheid te betoonen voor de edele daden en de vele giften, waarmede uw gestorven en edelmoedige vader ons overstelpt heeft! Sta ons, daar wij geen geschenken van waarde bij ons hebben, toe, dat wij ons voor uw rijtuig spannen en u naar huis trekken”. De hooghartige edelman, trotsch op de goede daden van zijn vader, stemde er gaarne in toe zich dezen ongewonen vorm van hoffelijkheid te laten welgevallen. Twee zigeuners spanden daarop de paarden uit, gingen zelf voor het rijtuig loopen en trokken het een eind. Maar eensklaps sneden zij zich los en liepen hard terug naar de andere schavuiten, die zich al met de paarden uit de voeten hadden gemaakt.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings