← Table of contents
Guy Mannering of de Sterrewichelaar

Note 2 — ZEVEN EN DERTIGSTE HOOFDSTUK.

M. P. (Mark Prager) Lindo translation

De ambtsbroeder van Robertson verscheen op den kansel2. Zijn uiterlijk was geenszins innemend. Hij was bijzonder tenger van gestalte en eene koolzwarte, ongepoederde pruik, welke zijn hoofd bedekte, stak zeldzaam af bij de bleekheid van zijn gelaat. Hij stond in eene gebogen houding en scheen zijne handen, welke hij onafgebroken op den rand van den preekstoel liet rusten, eer tot ondersteuning van zijn zwak lichaam noodig te hebben, dan tot het maken van gebaren te zullen gebruiken. Hij droeg geen tabbaard of mantel; niets, dan eene verkreukte bef, toonde zijnen geestelijken stand aan. Zijne geheele eenvoudige kleeding en stijve, gedwongene gebaren moesten een vreemdeling sterk in het oog vallen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings