← Table of contents
Goede Vaêr Tromp

Note 1 — Een dag Vacantie.

Reading edition

In den loop van dezen zomer is de Ammiraal Hautain met vierentwintig schepen uitgeloopen om de Spaansche en Portugeesche vaartuigen, die uit de Oost- en Westindiën kwamen, te onderscheppen en als prijs naar onze havens te brengen. Door eenen fellen storm werden echter zes schepen van de vloot afgescheiden; de “Vice-Ammiraal Reinier Claessensz. was aan boord van een der zes. Bij kaap Sint Vincent gekomen ontmoetten ze acht zwaar gewapende Spaansche galjoenen, onder bevel van den laffen zoutdief Fiasciardo.1 Deze zond onverwijld het grootste galjoen op onzen Vice-Ammiraal af, en terstond gingen de vijf Hollandsche schepen op de vlucht.—Claessensz. wilde van geene overgave weten. Veel liever stierf hij den heldendood, dan als gevangen man wreed om hals gebracht te worden. Twee geheele dagen vocht hij met onbezweken moed tegen de overmacht. Zijn groote mast was al over boord geslagen en zijn schip van alle kanten lek geschoten; vele van zijne matrozen waren reeds gesneuveld en aan ontzet viel er niet te denken. Hierop liet hij de overgeblevenen bij elkander komen en vroeg hun wat ze liever wilden, door den Spanjool gevangen genomen worden, of de lont in het buskruit steken.—Ze kozen allen het bladzijde 24laatste en na een kort gebed tot onzen Lieven Heer stak Claessensz, zelf den brand in ’t kruit en ... vloog toen met de zijnen in de lucht. Twee er van zijn half dood in de handen van den vijand gevallen. Die moeten dat zeker verteld hebben! Hoe vind-je ’t, Huib, mooi, hé?”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings