Note 1 — Potgieter als criticus.
Reading edition
Potgieter wees de schrijfster er op dat ze op den verkeerden weg was; navolgingen te schrijven van Scott en Van Lennep mocht niet haar doel zijn, dat doel moest hooger reiken: oorspronkelijk werk moest geleverd worden, echt Nederlandsche toestanden, tooneelen uit onze roemrijke geschiedenis, dàt waren onderwerpen, haar talent waardig. Wel was Mej. Toussaint in den beginne smartelijk getroffen door de strengheid der critiek, die met vaste hand de gebreken van den roman aanwees en zoo het heiligdom, dat zij had opgebouwd, ontwijdde; maar ze erkende weldra dat de criticus haar een onschatbaren en tevens welmeenenden raad had gegeven. Eere zij haar, dat ze zich niet door „der schrijveren ijdelheid” liet verblinden en dat ze zich opmaakte om de goede verwachtingen die de ervaren vriend van haar koesterde, niet te beschamen. Na twee jaren reeds kon zij in Het Huis Lauernesse een kunstwerk leveren, dat de hoogst gespannen verwachtingen verre overtrof en met dankbaarheid dacht ze later terug aan Potgieter, die door zijn eerlijke critiek de rechte leidsman was gebleken1.