← Table of contents
Geschiedenis van Suriname

Note 149 — van 1683 tot 1804. (continued 2)

Reading edition

Landbouwers: daartoe behoorde het grootste gedeelte der blanke vrije bevolking—de eigenaars van grootere plantaadjes vormden, in zekeren zin, de aristocratie van Suriname;—van hen hing het grootste gedeelte der overige vrije bevolking af—hunne directeurs en zelfs de eigenaars van kleine plantaadjes zagen hun naar de oogen—en daar uit hen overeenkomstig het octrooi, de Raden van Policie en die van Criminele Justitie gekozen werden, oefenden zij eene soms willekeurige magt, niet slechts over de slaven maar zelfs over de van hen afhangende vrijen uit.—Als een bewijs van de tyrannische handelwijze van dergelijke lieden en van de zotte verbeelding die zij van het gewigt van het ambt van raad van een der beide hoven hadden, deelt Mauricius, in zijne 5e. depêche tegen Duplessis, aan de Staten-Generaal149 het volgende voorval mede.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings