Note 1375 — BIJLAGEN. (continued 3)
Reading edition
Deze vermelding van het beweerde Engelsch-Nederlandsche verdeelingstractaat is merkwaardig, omdat zij dagteekent van eenen tijd, toen nog geene tien jaren na de sluiting zouden kunnen verloopen zijn. De vorm der mededeeling is echter te onzeker om mijne twijfelingen over het bestaan van het tractaat (zie hiervóor p. 139-141) weg te nemen, te meer daar Vrolicq weinige regels later verklaart, dat „de limiten vande Compagnie soo onseecker syn als hare begeerlycheyt onmatich is.”