← Table of contents
Geschiedenis der Europeesche Volken

Note 1 — Gallië en de Franschen.

Reading edition

Tot aan het jaar 1792 vernieuwde, gedurende 1281 jaren, dagelijks een priester aan het graf van Chlodwig, in de dikwijls gerestaureerde en verbouwde kerk, later het Pantheon genaamd, in de mis het aandenken aan den Duitschen stichter en voorvader der Frankische monarchie, aan den oudsten aller Europeesche souvereinen.—Eerst met het genoemde jaar, met de Fransche revolutie hield ook dit huldebetoon op, door de Franschen aan hun Germanendom gebracht. Men heeft deze omwenteling zelve en alle innerlijke veranderingen en allen strijd in Frankrijk, die ten slotte tot de revolutie voerden, beschouwd als een streven van het oude Celtische en Romaansche element, om zich van het Germaansche element te ontdoen en er zich van te zuiveren.—“Met hunne groote, het geheele land op zijne grondvesten schuddende omwenteling, werd onder de Franschen de gedachte weder levendig dat zij niets dan geromaniseerde Galliërs, Celten waren. Zij spreken nu van de Franken en de Frankische Koningen, als van vreemde barbaren. Zij nemen zelfs de oud-Romeinsche kleeding aan. Ook kiezen zij zich vervolgens een staats-opperhoofd, dien zij den Romeinschen titel “Imperator” (Empereur) geven, en die, even als vroeger Cesar met de Galliërs, naar Rome marcheert. “La blonde Germanie”, zegt een Fransch schrijver van dien tijd, “a eu beau nous envoyer ses Francs, ses hommes du Nord: notre temperament n’a rien perdu de ses tendances originelles. C’est que malgré les revolutions et les siecles nous sommes toujours l’ancienne Gaule avec ses emportements et ses impatiences.”1

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings