Note 10 — ERASMUS
Reading edition
Toen Erasmus hoorde van von Huttens voornemen, de pen tegen hem op te vatten, ried hij hem in een particulieren brief aan, dit liever niet in het publiek te doen. Het slot van dit schrijven was een hatelijke toespeling op von Huttens berooiden toestand: "Wellicht zouden er kunnen zijn, die, vernemende in wat voor omstandigheden gij verkeert, gaan vermoeden, dat gij op deze wijze geld zoekt af te persen; het staat te vreezen, dat velen deze gissing zullen maken ten aanzien van iemand, die verbannen is, in schulden steekt, en tot de uiterste armoede is vervallen".