Note 1 — Eerste hoofdstuk.
Hendrik Cornelis Rogge translation
Darius volgde hem ditmaal niet, daar zijne liefde voor Atossa hem niet kon doen besluiten, Babylon voor zoo langen tijd te verlaten. Ook was de dag niet verre meer, dat hij, op bevel van zijn vader, Artystone, de dochter van Gobryas, huwen zou. Met een bezwaard hart scheidde Bartja van zijn vriend, wien hij met betrekking tot Atossa den raad gaf, de grootste voorzichtigheid in acht te nemen. Cassandane was in het geheim dezer liefde ingewijd, en had beloofd bij den koning de voorspraak van Darius te zullen zijn. Zoo iemand, dan waarlijk mocht de zoon van Hystaspes zijne oogen tot de dochter van Cyrus opheffen, daar hij ten nauwste aan het regeerende huis vermaagschapt was, en evenals Cambyzes tot de Pasargaden behoorde. Zijn stam was eene jongere linie van de dynastie die thans het bewind voerde, en daarom niet minder aanzienlijk1. Zijn vader heette het hoofd van den geheelen rijksadel, en bestuurde als zoodanig de provincie Perzië, het moederland, aan hetwelk dit onmetelijke wereldrijk en zijn beheerscher hun oorsprong te danken hadden. Na het uitsterven der familie van Cyrus, hadden de nakomelingen van Hystaspes een op goede gronden steunend recht op den Perzischen troon. Daardoor reeds was Darius, zijne persoonlijke voortreffelijke hoedanigheden nog daargelaten, wel de meest geschikte echtgenoot voor Atossa. Toch viel er vooralsnog niet aan te denken, de toestemming des konings tot deze verbintenis te vragen. In de sombere gemoedsgesteldheid, waarin hij sedert de laatste gebeurtenissen verkeerde, had hij licht een weigerend antwoord kunnen geven, en zulk een antwoord moest onder alle omstandigheden als onherroepelijk worden beschouwd.