← Table of contents
Eene Egyptische Koningsdochter

Note 4 — Derde hoofdstuk.

Hendrik Cornelis Rogge translation

»Gij weet dat men mij nu eens een Athener, dan weêr een Halicarnassiër4 noemt. De Jonische, Aeolische en Dorische soldaten hebben zich van oudsher nooit goed met de Carische kunnen verstaan. Daarom kwam mij, den aanvoerder van beide legerafdeelingen, mijne afkomst van, ik zou wel haast mogen zeggen drie stammen, bijzonder te stade. Welke uitnemende eigenschappen Aristomachus ook bezit, Amasis zal mij toch missen, want het viel mij gemakkelijk de eendracht in het leger te bewaren, terwijl de Spartaan tegenover de Cariërs dikwerf op groote zwarigheden stooten zal.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings