← Table of contents
Eene Egyptische Koningsdochter

Note 13 — Derde hoofdstuk.

Hendrik Cornelis Rogge translation

Geen der feestgezanten was met ledige handen gekomen. Deze bracht een span paarden van het edelste ras; gene geweldig groote olifanten en potsierlijke apen; een derde verscheidene met schabrakken en kwasten behangen rhinocerossen en buffels; een vierde tweebultige Baktrische kameelen, met gouden ringen om den ruigen hals. Anderen boden wagens aan, beladen met vreemde houtsoorten en elpenbeen, kostbare weefsels, zilveren en gouden vaatwerken, goud in stof en in baren, zeldzame gewassen voor de tuinen, en voor het wildpark van den koning vreemde dieren, onder welke men vooral antilopen, zebra’s, vreemde apen en vogelsoorten13 opmerkte, welke laatsten aan groene boomen geketend waren, en daar zij telkens de vleugels uitsloegen, een vroolijk schouwspel opleverden. Deze geschenken maakten de schatting uit van de onderworpene stammen.—Nadat zij aan den koning vertoond waren, werden zij door de schatmeesters en schrijvers gewogen, onderzocht, en óf voldoende gekeurd, óf als te gering afgewezen. In het laatste geval moesten de karige gevers een dubbele schatting opbrengen14.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings