Note 15 — Derde hoofdstuk.
Hendrik Cornelis Rogge translation
De Feruer of Ferwer is het geestelijk deel van den mensch, zijne met oordeel begaafde ziel. Deze bestaat reeds lang vóor zijne lichamelijke geboorte, vereenigt zich met hem zoodra hij het levenslicht aanschouwt, en verlaat het lichaam weder bij den dood. De Ferwer strijdt tegen de Diws (booze geesten) en is de oorzaak van ons behoud. Zoodra hij afscheid neemt van den mensch, moet het lichaam noodzakelijk worden ontbonden. Na den dood wordt de Ferwer onsterfelijk, zoo hij het goede heeft gedaan; heeft hij daarentegen het booze liefgehad, dan wordt hij in de hel geworpen. Men moest den Ferwer aanroepen en met offers om hulp smeeken. Hij brengt ook het gebed tot de godheid over, weshalve hij wordt voorgesteld onder de gedaante van eene gevleugelde schijf.