Note 4 — UIT HET DAGBOEK VAN RUDOLF DE WALL1
Reading edition
De Dâsar, of Zandzee,4 een zandvlakte van een gehééle geographische mijl middenlijn, is ééns één groote krater geweest, de groote krater van den Tĕnggĕr! Later is de ontzaglijke krater met zand bedekt, maar nieuwe kraters vormden zich in die woestijn, de Widodaren, de Giri, de Bromo, de Batok, de eerste drie bij de eruptie vretend in elkaar, de laatste apart en ongeschonden. De Bromo alleen is nog actief, en werpt dikke rookwolken op, somtijds—om de zeven jaren, hoor ik—uitbrekend in eruptie.