Note 3 — UIT HET DAGBOEK VAN RUDOLF DE WALL1
Reading edition
Vanmiddag, in een fuchsia-struik voor mijn venster, zag ik een wonder vogeltje.3 Ik heb nog nooit ergens zóó intenze, schitterende kleur gezien. Boven op den kop fonkelde lichtgroen. De rug licht-grijs met een smal dons van wit bont als rand er omheen. Het borstje licht vuurrood, sterk hel, en ’t buikje zwart. Het rood is ’t innigste en vlamt boven de andere kleuren uit.