Note 2 — Eerste ontginnings-arbeid.
Reading edition
Die Boer heette Jacobs. Een zekere Niekerk, Hollandsch handelaar, die daarin die streken in gezelschap van een struisvogelen-jager, O’Reilly genaamd, reisde, herkende in de handen der kinderen van dien Boer een steen, waarmede zij speelden, een echten diamant, dien hij voor weinige stuivers kocht en dien hij voor zes-duizend-twee-honderd-vijftig gulden van de hand zette aan sir Philip Woodehouse, Gouverneur van de Kaapkolonie. Deze steen, die onmiddellijk geslepen naar Parijs gezonden werd, verscheen op de Parijsche tentoonstelling op het Marsveld in 1867 gehouden. Sedert dat tijdstip is er gemiddeld voor een jaarlijksche bedrag van twintig millioen aan diamanten uit den bodem van Grikwaland te voorschijn gehaald. Een zeer wetenswaardige bijzonderheid is, dat het bestaan der diamanthoudende legeringen in dat land vroeger bekend, maar sedert in het vergeetboek geraakt was. Er bestaan oude kaarten van de XVe eeuw, waarop deze vermelding te lezen staat: Here diamonds, hetgeen beteekent: Hier zijn diamanten te vinden.