← Table of contents
De wijzen van het Oosten

Note 13 — Het Mazdeïsme.

Reading edition

Twee wedijverende geesten, Spenta en Anrō mainyu: de goede en de booze geest,13 pogen zich meester te maken van het hvarena. De eerste bezigt daartoe Atar, den vuurgod, de ander den draak Azhi dahāka. Nu eens is de een voor, dan de ander. Echter ontsnapt aan beiden de onbereikbare heerlijkheid: de watergod Apām napāt14 verbergt haar in de diepte der mythische zee. Ook deze Atar—de god van het huiselijk vuur, het haardvuur—werd veel gediend. Hij, die het morgen- en middagmaal voor de vromen kookt, maakt op hun offeranden aanspraak. Hij vraagt voedsel bij elk der drie nachtwaken: hout, baresmatwijgen en granaattwijgen: zij maken het reine vuur welriekend en wijden het. Doch ook bepaalde offergaven worden hem gebracht. Naast hem worden nog andere, oud-Arische vuurgoden vereerd: Apām napāt, het vuur in de hemelsche wateren, m. a. w. de bliksem, die ze bevrucht. (Als zoodanig waarschijnlijk heet hij ook, „de vrouwenheer”.) en Nairyō-Sanha, eveneens tevens een vruchtbaarheidsgod.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings