← Table of contents
De Werken van William Shakespeare

Note 1 — VII. Bepaling van de tijdsorde der tooneelwerken.

Reading edition

Hebben wij vroeger gezien, tot welk een hoogte van volkomenheid Shakespeare met zijn “Richard III” gestegen was, hij trad in 1593 of 1594 met een ander meesterstuk op, met de tragedie der liefde “Romeo en Julia”1. In zijn “Venus en Adonis” schilderde hij de hartstochtelijke uiting der liefde bij de vrouw; in zijn “Lucretia” drijft de hartstocht den man zelfs tot euveldaad; omstreeks denzelfden tijd schreef hij dit wondervolle stuk. Het onderwerp werd hem geleverd door een uitvoerig gedicht van Arthur Brooke, The Tragicall Historye of Romeus and Juliet, waarbij hij nog enkele trekken voegde uit Painter’s novelle van “Rhomeo and Julietta”, te vinden in de verzameling van verhalen, Palace of Pleasure getiteld2; doch, mocht het aan zijn voorgangers ook gelukken een boeiend, ja treffend verhaal te leveren, Shakespeare doet de gelieven voor ons leven, hij doet hun de echte taal der vurigste liefde spreken; wij gevoelen en denken met hen mede. Heeft een boos gesternte hun den ondergang bereid, nog in hun dood zegepraalt de liefde, die beider laatste gedachte was. En hoe hun sterven ons ook roere, wij weten, dat zij de zaligheid der liefde hebben genoten; zij hebben den bedwelmenden beker snel geledigd; waarom zouden wij wenschen, dat zij dien vaak en lang elkander toebrachten? Het einde komt ras, maar hun liefde bewerkt nog na hun dood vrede en verzoening, waar de haat lange jaren geheerscht had; verzoend met hun lot, zien wij het scherm vallen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings