← Table of contents
De Wedergeboorte van Nederland

Note 679) — IX.

Reading edition

De man, die den grootsten invloed op deze zaak heeft uitgeoefend, was F. H. Moorrees, vroeger onder koning Lodewijk lid der Hooge Militaire Vierschaar, thans lid van het Hooggerechtshof en benoemd tot president der Commissie. De man was geen optimist. In een advies aan van Maanen van 28 December 1813 schrijft hij: „Nu wil alles vegten, elk loopt te wapen, kundig of onkundig, en pas op, het geringste, dat er gebeurt, gaan ze loopen als hazen; den eenen Commandant zondigt uit doldriftigheid, den ander uit onkunde, den derden, omdat hij nog geen genoegzame kennis met de kogels gemaakt heeft, een vierde pleegt groote verzuimen uit onagtzaamheid, enz.; dus ik zie binnen weinig tijd, als de vijand ons meer ontrust, handen vol werk, en hoe dan? dan zul je misdaden hebben—gevangenen, gearresteerden—zonder Wetboek, zonder Regter; waar zal dat heen? Ik houde dus het acheveren van dit stuk in 't ogenblik waarin wij zijn, alzoo pressant als de constitutie, want ik voorzie nog wel, dat er een krabbelvuistje zal voorvallen” (te vinden bij Mr. H. van der Hoeven, Onze Militaire Strafwetgeving, 28).

Return to IX.
Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings