← Table of contents
De Reis om de Wereld

Note 9 — Noord-Chili en Peru.

J. Brandt translation

Wij daalden weêr de vallei af, en bereikten op 22 Juni de stad Copiapó. Het ondereinde der vallei is breed, en vormt eene fraaie vlakte evenals de Quillota-vallei. De stad beslaat eene aanzienlijke oppervlakte, doordien elk huis een tuin bezit; maar zij is ongezellig, zonder gerief, en de woningen zijn armoedig gemeubeld. Elk, die er komt, schijnt slechts één doel te hebben, nl. fortuin te maken, en dan zoo spoedig mogelijk te vertrekken. Alle bewoners zijn meer of minder rechtstreeks bij de mijnen betrokken; en mijnen en ertsen zijn de eenige onderwerpen van gesprek. Behoeften van allerlei aard zijn uiterst duur, wijl de afstand van de stad tot de haven achttien leagues bedraagt,9 en een landvoertuig zeer kostbaar is. Eene kip kost vijf of zes shillings; vleesch is bijna even duur als in Engeland; brandhout, of liever takken worden twee of drie dagreizen ver op ezels uit de Cordilleras gehaald, en het weiden van dieren kost één shilling daags. Dit alles is voor Zuid-Amerika buitensporig duur.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings