← Table of contents
De Reis om de Wereld

Note 16 — Midden-Chili.

J. Brandt translation

De tweede soort of Pteroptochos albicollis is, wat den vorm in ’t algemeen betreft, aan de eerste verwant. Deze vogel draagt den naam van Tapacolo: hetgeen beteekent: “bedek je achterdeel;” en dien naam verdient de schaamtelooze vogel ten volle, want hij draagt zijn staart meer dan rechtop, namelijk in eene richting naar den kop. Hij is zeer algemeen, en houdt zich op aan den voet van boomstammen, of in de struiken die op de naakte heuvels zijn verspreid, waar bijna geen andere vogel leven kan. In zijne gewone voedingswijze, zijn snel heen en weer huppelen uit de kreupelbosschen; in zijne zucht om zich te verschuilen, zijn onwil om te vluchten, en in de wijze waarop hij zijn nest bouwt, bezit hij veel overeenkomst met den Turco; maar zijn voorkomen is niet zoo geheel belachelijk. De Tapacolo is zeer listig. Als iemand hem schrik aanjaagt, blijft hij onbeweeglijk midden in een kreupelboschje zitten, en tracht dan na eene poos heel behendig aan den anderen kant weg te sluipen. Ook is hij een bedrijvige vogel, die voortdurend geluiden maakt. Deze geluiden zijn verschillend en tevens zeer zonderling; sommige gelijken veel op het gekir eener duif, andere op het geborrel van water, en vele tarten alle andere geluiden. Het landvolk zegt, dat hij vijfmaal in ’t jaar zijn geluid verandert, hetgeen vermoedelijk met eene verandering van seizoen in verband staat.16

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings