← Table of contents
De Reis om de Wereld

Note 8 — De Santa Cruz, Patagonië en de Falklands-Eilanden.

J. Brandt translation

Een ander ingevoerd dier is het konijn, dat zeer wel geslaagd en nu op groote stukken van het eiland in overvloed voorkomt. Doch evenals de paarden, zijn zij binnen zekere grenzen beperkt; want zij hebben de centrale bergketen niet overschreden, en zouden zelfs niet den voet er van bereikt hebben, indien er geen kleine kolonies waren heengebracht—zooals de Gauchos mij vertelden. Ik zou niet vermoed hebben dat deze dieren, uit Noord-Afrika afkomstig, in een zoo vochtig klimaat als dit konden leven, en waar zoo weinig zonneschijn is, dat zelfs tarwe er alleen bij toeval tot rijpheid komt. Men zegt dat in Zweden, welks klimaat toch algemeen voor gunstiger zou worden gehouden, het konijn niet buitenshuis kan leven. Bovendien hadden de eerste weinige paren hier te kampen tegen vijanden, als de vos en eenige groote havikken, die al vroeger bestonden. De Fransche natuuronderzoekers hebben de zwarte variëteit voor eene bijzondere soort gehouden, en Lepus Magellanicus genoemd.8 Zij meenden dat Magelhaen deze soort bedoelde, toen hij sprak over een dier, dat onder den naam conéjo9 in de Straat van zijn naam voorkwam; maar hij zinspeelde op een kleine Cávia Patagonica, die door de Spanjaarden tot heden toe zoo genoemd is.10

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings