Note 29 — III. Geslachtsnamen van allerlei oorsprong. (continued 3)
Reading edition
De Praetere, De Sorgher, Sorgdrager, Helper, Trooster en Raadgever, Ligthert en Ligthart, Pronckert en Pronk, De Sloovere en Sloof. Een byform van den naam Raadgever is nog de geslachtsnaam Raadgep, eene zonderlinge quasi-verdietsching van den hoogduitschen maagschapsnaam Rathgeb, die ook in ons land voorkomt. Dat deze naam reeds zeer oud is, bewijst d’ omstandigheid dat hy reeds in de middeleeuen in versletenen form voorkwam. Immers zekere Wouter Ratgheer (Raadgever) was ten jare 1345 schepen der stede Sluis in Vlaanderen (zie De Oude Tijd, jaargang 1870, bl. 114.). Verder behooren tot deze groep nog de namen Looper en De Looper (een oude beroepsnaam? uit den tijd toen de groote heeren er eenen looper op nahielden?), De Wandeleir, Springer en De Springere, Stapper, De Fluiter en Fluyter, De Telder, Hardlooper en Hartlooper met Dribbelaar, Vlieger, De Vlieger en De Vlieghere, Hoogklimmer, Zwemmer, Duyker, Duiker en Duker, Schuyler, De Slooper, Stoker en Roker, Blazer, Blaaser en Brommer, Waayer en Zwaayer, Swerver en Zwerver, De Smyter, Roeper en De Roeper, Schrikker, Kermer, Lagcher, Weener (kan ook de naam zijn van het oostfriesche vlek Weener), Schreyer en in Friesland Schriemer (eigenlik skriemer, dat schreier beteekent). Ten slotte nog, als patronymikon, Droomers.