Note 99 — III. Geslachtsnamen van allerlei oorsprong. (continued 3)
Reading edition
Velen van deze geslachtsnamen zijn reeds van oude dagteekening, ’t welk ten deele ook blijkt uit de versletene formen die deze namen thans vertoonen. In de middeleeusche naamlijsten van poorters in de nederlandsche steden, en in andere oorkonden uit die jaren, komen zulke imperativische toenamen geenszins zeldzaam voor. Zoo vinden wy te Amsterdam eenen burger die den naam draagt van Jonge-Jan Doet-er-niet-toe99, en te Leiden, omstreeks den jare 1400, eenen koopman die Jan Blijf-hier heet. De man voldeed niet aan het bevel dat in zynen toenaam opgesloten was. Immers hy bleef niet te Leiden, maar vertrok naar het land van Schonen in Zweden, waar hy stierf.100 De namen Schiettekatte en Garegoed kan men ook tot de imperativische brengen, en dat deze namen eveneens reeds van oude dagteekening zijn, vindt men op bl. 454 vermeld.