Note 40 — II. Geslachtsnamen, van aardrijkskundigen oorsprong.
Reading edition
§ 92. By den rijkdom van onzen vaderlandschen bodem aan stroomen en rivieren, enz. is het natuurlik dat er ook vele geslachtsnamen van ons volk ontleend zijn aan de namen van zulke wateren. Deze geslachtsnamen zijn in den regel uit zich zelven duidelik genoeg, en eischen weinig nadere verklaring. Eene eerste plaats onder de namen der kleine rivierkes in Nederland, neemt de naam A of Aa in. Deze naam die eenvoudig water, stroomend water beteekent, is aan vele rivierkes eigen; b. v. aan de Aa by Breda; de Aa by ’s Hertogenbosch; de Aa by Gendringen in Gelderland; de Aa, het bovenpand van den Angstel, in de provincie Utrecht; de Almelosche Aa in Twente; de Mussel-A en de Pekel-A in Groningerland, enz. In overeenstemming met het veelvuldig voorkomen van dezen riviernaam A, komt ook de daarvan afgeleide geslachtsnaam Van der Aa geenszins zeldzaam voor. Andere geslachtsnamen, aan riviernamen ontleend, zijn nog: Van der Aar; de Aar is een stroom die by Alfen uit den Rijn naar de Drecht by Nieuveen vloeit. Van Amstel; deze naam komt in Holland, vooral in Amstelland en Kennemerland algemeen voor. Van Berkel; de Berkel is een rivierke dat te Zutfen in den IJssel valt; maar deze geslachtsnaam kan eveneens aan het zuidhollandsche dorp Berkel ontleend zijn. Van der Does en Verdoes; de Does is een stroom by Leiden.40