← Table of contents
De Nederlanders in de Philippijnsche Wateren vóór 1626

Note 2 — Inleiding.

Reading edition

De eerste Hollander, wien het gelukte de straat van Magelhaens door te varen en de aarde om te zeilen, was tevens de eerste Hollander, die zich in de baai van Manila vertoonde en daarmede de reeks van tochten opende, welke de onzen naar de Philippijnen hebben ondernomen. Olivier van Noort toch kwam 15 September 1600 met nog twee van de vier schepen, nl. de Mauritius en het jacht De Hoop (later de Eendracht gedoopt) bij de Ladronen aan, om kort hierop koers te zetten naar de Philippijnen. Na eenige moeite vond hij weldra de straat Bernardino of straat van Manila, stevende die door en wierp het anker uit voor het daarvoor gelegen eilandje Capoel, waar hij, door bemiddeling van twee op de Amerikaansche kust gevangen genomen inwoners van dat eiland, ververschingen hoopte te bekomen2. Maar dit gelukte hem niet, want, waar hij aan land ging, vluchtten de inwoners het binnenland in, waarna Van Noort de verlaten en leege huizen uit wraak in vlammen deed opgaan. Wetende, dat men te Manila het zilverschip uit Acapulco verwachtte en hopende eenige Chineesche jonken buit te maken, besloot Van Noort naar Manila te zeilen, en dit te eerder, omdat hij van de opvarenden van een veroverde Chineesche jonk, die soldaten naar Ceboe had gebracht en met rijst naar Manila terugkeerde, had vernomen, dat het grootste gedeelte van de Spaansche zeemacht naar de zuidelijke Philippijnen was vertrokken om de inwoners daar te tuchtigen. Nauwelijks vertoonden zich de Hollanders den 24en November in de baai van Manila, of de Spanjaarden spanden alle krachten in om twee galjoenen in gereedheid te brengen en daarmede hunne vijanden aan te tasten. Reeds zeer spoedig waren deze in staat zee te kiezen en den 14en December ontmoetten de vier schepen elkander.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings