← Table of contents
De Lof der Zotheid

Note 1 — Rechtsgeleerden.

J. B. Kan translation

Onder de geleerden matigen de rechtsgeleerden zich wel de allereerste plaats aan en meer dan iemand anders zijn zij met zichzelf ingenomen. Door den steen van Sisyphus1 aanhoudend voort te wentelen en duizend wetten in één adem samen te flansen, onverschillig omtrent welk onderwerp, door verklaringen op verklaringen, zienswijzen op zienswijzen te stapelen, maken zij, dat de beoefening van dat vak voor het allermoeilijkst doorgaat. Want al wat veel inspanning kost, dat houden zij aanstonds ook voor voortreffelijk. Laten wij bij dezen nog de beoefenaars van de kunst van disputeeren en de sophisten2 voegen, een slag van menschen, nog klapachtiger dan al de bekkens te Dodona3, zoodat ieder hunner het gerust tegen twintig uitgezochte babbelaarsters kan opnemen. Zeker zouden ze nog gelukkiger zijn, als zij enkel goed van den tongriem gesneden waren en niet tevens zoo twistziek, dat ze altijd door over ’s keizers baard te vechten en uit overdreven strijdlust gewoonlijk de waarheid uit het oog verloren. Hen maakt echter hun eigenliefde recht gelukkig, want met een paar sluitredenen gewapend durven zij onverwijld iedereen over ieder onderwerp te lijf gaan. Trouwens hun stijfhoofdigheid maakt hen onoverwinnelijk, ook al hadden zij een tegenpartij even krachtig van longen als Stentor4.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings