← Table of contents
De Lof der Zotheid

Note 1 — Overal wordt de kruiderij der Zotheid gevonden.

J. B. Kan translation

Maar omdat den man, van nature bestemd om de zaken te besturen, een weinigje meer van dat onsje rede moest toegedeeld worden, ging Jupiter, om ook zoo goed mogelijk voor zijn belangen te zorgen, in dezen, evenals in al het overige, met mij te rade en ik deed hem spoedig een mijner waardig plan aan de hand, nl. om naast hem de vrouw te plaatsen, wel een dwaas en onredelijk wezen, maar toch koddig en prettig: bij het huiselijk samenleven zou zij door haar dwaasheid het onaangename in den inborst van den man genietbaar maken en verzachten. Want als Plato schijnt te twijfelen, tot welk van beide soorten hij de vrouw zal brengen, tot de redelijke of redelooze wezens, dan is zijn bedoeling zeker geen andere dan te wijzen op de in het oog springende dwaasheid van die sekse. Wanneer soms de een of andere vrouw voor wijs mocht willen doorgaan, dan wordt zij ten slotte slechts een dubbele zottin, evenals of iemand een os in het worstelperk wilde brengen,1 in strijd met zijn geheelen bouw en aanleg. Want ieder, die tegen zijn aard in den schijn aanneemt van deugd en zijn gaven aan iets anders wijdt, begaat een dubbele fout. Evenals, volgens het Grieksche spreekwoord, een aap altijd een aap blijft, ook al draagt hij een purperen kleed, zoo ook is een vrouw altijd een vrouw, d. i. een zottin, welk masker zij ook voordoe. Toch acht ik het geslacht der vrouwen niet in die mate zot, dat zij mij het kwalijk zullen nemen, dat ik haar, ofschoon zelf een vrouw en nog wel de Zotheid, de eigenschap van zotheid toeken. Immers, wanneer zij de zaak naar behooren overwegen, dan moeten zij juist hiervoor der Zotheid dank weten, dat men haar vrij eenstemmig voor gelukkiger houdt dan de mannen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings