Note 50 — De Spelonk1.
Albin de Kazimirski Biberstein translation
Of de dubbel-gehoornde. Het grootste deel der uitleggers (Al Beidâwi, Al Zamakhshari, Jallalo’ddin, Yahya), veronderstellen, dat de hier bedoelde persoon Alexander de Groote was, of gelijk zij hem noemen, Iscander Al Roemi, koning van Perzië en Griekenland. De meeningen zijn echter zeer verdeeld, nopens de oorzaak van dezen bijnaam. Sommigen denken, dat hem die werd gegeven, omdat hij koning van het Oosten en van het Westen was, of omdat hij expeditiën naar beide de uiterste deelen der aarde had ondernomen, of wel, omdat hij twee hoorns op zijne diadeem had, of twee krullen van haar, gelijk hoorns op zijn voorhoofd, of, wat het waarschijnlijkste is tengevolge van zijn grooten heldenmoed. Onderscheidene moderne schrijvers, (Scaliger, de Emend. temp. L’Empereur, not. in Jachiad. Dan. VIII, 5 Gol. in Alfrag, p. 58, enz.), veronderstellen veeleer, dat deze bijnaam werd veroorzaakt, door dat hij op zijne munten en door zijne standbeelden met hoorn wordt voorgesteld, als de zoon van Jupiter Ammon, of wel omdat hij door den profeet Daniël bij een bok wordt vergeleken (Schickard, Tarikh Reg. Pers. p. 73). Hij wordt echter daar slechts met één hoorn voorgesteld (Zie Dan. VIII). Er zijn nochtans sommige goede schrijvers, die gelooven dat de vorst, op deze plaats van den Koran bedoeld, niet Alexander de Griek was, maar een andere groote overwinnaar, die denzelfden naam en voornaam droeg en ouder dan hij was, daar hij in den tijd van Abraham leefde, en een der koningen van Perzië was, tot het eerste geslacht behoorende (Abulfeda, Khondemir, Tarikh Monthakhah, enz. Zie d’Herbel. Bibl. Orient. Art. Escander), of, zooals anderen veronderstellen, een koning van Saman, Asaab al Rayesh genaamd (overlever., Ebn Abbas, Zie Poc. Spec. p. 58). Allen komen nochtans daarin overeen, dat hij een waar geloovige was. Of hij echter al of niet een profeet was, maakt bij hen een geschilpunt uit.