Note 10 — De Spelonk1.
Albin de Kazimirski Biberstein translation
Deze hond volgde hen, toen zij hem op hunne vlucht naar de spelonk voorbij gingen, en zij joegen hem weg. God deed hem daarop spreken en hij zeide: Ik bemin hen die God dierbaar zijn; ga dus slapen en ik zal u bewaken. Sommige echter zeggen, dat het een hond was, die aan een schaapherder toebehoorde, die hen achtervolgde en dat de hond dezen volgde. Deze meening wordt gestaafd door gelijk sommigen doen, calebohom, de meester van hunnen hond, in plaats van calbohom, hun hond te lezen (Al Beidâwi Jallalo’ddin.) Jallalo’ddin voegt er bij, dat de hond zich als zijne meesters gedroeg, door zich slapende en wakende om te wenden. De Mahomedanen hebben grooten eerbied voor dezen hond en geven hem eene plaats in het paradijs met eenige andere geliefkoosde dieren terwijl zij eene soort van spreekwoord hebben, dat zij, sprekende van een gierig persoon, gebruiken, luidende: dat hij geen been aan den hond der zeven slapers zou toewerpen. Ook zegt men dat zij de bijgeloovige gewoonte hebben, zijn naam, die, naar zij veronderstellen, Katmir was (hoewel sommigen, gelijk hier boven is gezegd, denken dat hij, Al Rakim heette), op hunne brieven te schrijven, die naar verre oorden gezonden worden, of de zee moeten overgaan, als een waarborg, of eene soort van talisman, om het verlies van den brief te voorkomen (La Roque, Voyage de l’Arabir Heur, p. 74. Zie d’Herbel, t. a. pl.)